Oefening dubbelop

Welke fout wordt gemaakt?
1. Koning Willem Alexander kwam oprecht over, hij meende het echt.
Welke fout wordt gemaakt?
2. Grapperhaus kijkt of daar nog een mouw aan vast te knopen is.
Welke fout wordt gemaakt?
3. De houten boomstam liet de gemeente liggen opdat de kinderen er mee zouden kunnen spelen.
Welke fout wordt gemaakt?
4. Het is heel plausibel dat hij waarschijnlijk het virus op de tennisbaan heeft opgelopen.
Welke fout wordt gemaakt?
5. Aan al die virologen op de televisie erger ik me dood aan.
Welke fout wordt gemaakt?
6. Hart was zeer verheugd en blij met zijn overwinning in de Giro.
Welke fout wordt gemaakt?
7. Premier Rutte gaat dat linea directa oplossen.
Welke fout wordt gemaakt?
8. Had je hem in de mogelijkheid gesteld daarop te reageren.
Welke fout wordt gemaakt?
9. We zullen daar nog een mondeling gesprek over hebben.
Welke fout wordt gemaakt?
10. Enige weerstand kan nooit geen kwaad.
Welke fout wordt gemaakt?
11. Op de steun van de oppositie durfde de premier niet meer op te rekenen.
Welke fout wordt gemaakt?
12. Onder dit afdak voorkom ik dat ik niet nat word.